Belangrijke documenten

 

In deze rubriek wordt beknopt een  aantal documenten  besproken dat van belang is bij het werk van de Stichting. Voor meer uitvoerige informatie kan men raadplegen de websites van het Ministerie van Volkshuishouding, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM), het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) en de website van de provincie Fryslân.  De onderstaande teksten zijn hier en daar letterlijk overgenomen van de betreffende websites.

 

 

Wet op de Ruimtelijke Ordening

De gemeenten, de provincies en de rijksoverheid zijn volgens de WRO verplicht voor hun grondgebied de hoofdlijnen van het te voeren ruimtelijk beleid aan te geven, de zogenaamde structuurvisies. Daarnaast dienen de gemeenten voor hun hele grondgebied bestemmingsplannen te maken.

Voor de structuurvisies en bestemmingsplannen geeft de wet aan welke procedures gevolgd moeten worden en hoe de verantwoordelijkheden liggen. Vervolgens is in  de wet ook te lezen over welke  mogelijkheden  de burger beschikt tot het indienen van een zienswijze of het instellen van bezwaar en beroep.

De WRO is onlangs vernieuwd. (1 juli 2008) De vernieuwing houdt onder meer in dat de provincies niet langer de bestemmingsplannen van gemeenten hoeven goed te keuren. Deze wijziging is mogelijk omdat de provincies van te voren hun ruimtelijke belangen moeten aangeven. In de nieuwe wet is niet opgenomen de artikel-19-procedure. Daarvoor is in de plaats gekomen het projectbesluit.

Nieuwe onderdelen in de wet zijn de regels over de grondexploitatie en de verplichting om per 1 juli 2009 alle nieuwe ruimtelijke plannen digitaal beschikbaar te stellen. (www.ruimtelijkeplannen.nl)

 

--------------------------------------------------------------------------

 

 

 

Nota Ruimte: Ruimte voor ontwikkeling (2006)

Deze Nota  geeft op hoofdlijnen aan het nationaal ruimtelijk beleid dat de rijksoverheid de komende jaren – tot 2020 - wenst te voeren. Globaal is daarin te vinden waar in Nederland mag worden gebouwd, waar wegen mogen worden aangelegd, waar ruimte is voor landbouw en waar voor natuur. (www.VROM.nl)

 Het is aan de provincies en de gemeenten de hoofdlijnen nader uit te werken, in resp. streekplannen en bestemmingsplannen, althans bij het maken van de plannen daarmee rekening te houden.

In tegenstelling tot eerdere rapporten van de rijksoverheid over de ruimtelijke ordening, waarin een soort centralistische toelatingsplanologie werd voorgestaan (dit mag niet, dat moet juist wel) ,is de onderhavige Nota meer gestoeld op wat wordt genoemd een ontwikkelingsgerichte planologie. De kansen en mogelijkheden die in de regio aanwezig zijn, worden benut in goed overleg tussen maatschappelijke organisaties, burgers, bedrijven en plaatselijke overheden. 

De Nota is meer concreet gemaakt in onder andere de Nota Mobiliteit, het Actieprogramma Cultuur en Ruimte en in de Agenda Vitaal Platteland.

--------------------------------------------------------------------------

 

 

Agenda Vitaal Platteland

 Deze beleidsnota met als ondertitel “inspelen op veranderingen” gaat over de afnemende betekenis van de landbouw als economische drager van het platteland. Het platteland verandert van voedselproducent naar consumptieruimte voor álle Nederlanders.

Voor de periode 2007-2013 is in het kader van die AVP een Rijksmeerjarenprogramma (RMP2) opgesteld, waarin de rijksdoelen op het gebied van o.a. de natuur, de landbouw, de recreatie, het landschap, bodemgebruik en het waterbeheer staan aangegeven. (www.minlnv.nl)

 

 

  

Streekplan Fryslân.  “Om de kwaliteit fan de romte” 2007

Iedere provincie wordt geacht eenmaal in de tien jaar een streekplan te maken. In een dergelijk plan geven de provincies, rekening houdend met het rijksbeleid,  de kaders aan waarbinnen ontwikkelingen tot stand gebracht kunnen worden. Voor het werk van de Stichting kan kennisname van het provinciale plan zeker niet gemist worden.  (www.fryslan.nl/romte)

 

--------------------------------------------------------------------------

 

 

Vogelrichtlijnen en habitatrichtlijnen

Deze richtlijnen zijn opgesteld door de Europese Unie ter bescherming van inheemse dieren- en plantsoorten m.n. in gebieden die daarvoor zijn aangewezen. De gebieden die vallen onder de beide richtlijnen moeten uitgroeien tot een Europees netwerk van natuurgebieden (natura 2000-gebieden en de aanwijzing daarvan, zie www.minlnv.nl). De verplichtingen die uit genoemde richtlijnen voortvloeien  zijn in Nederland vastgelegd in de Flora- en Faunawet en de Natuurbeschermingswet.  Bij de natura 2000-gebieden gaat het om een samenhangend netwerk van beschermde natuurgebieden. Voor Nederland om totaal 162 gebieden. Inmiddels zijn er 148 gebieden voor definitieve aanwijzing in procedure gebracht.

 

--------------------------------------------------------------------------

Natuurbeschermingswet

De Nbw van 1998 biedt de juridische basis voor het Natuurbeleidsplan, de aanwijzing van de te beschermengebieden en landschapsgezichten, vergunningverlening, schadevergoeding, toezicht en beroep. Internationale verplichtingen uit de Vogelrichtlijn en de habitatrichtlijn zijn hiermee in regelgeving verankerd.

Een natuurbeleidsplan dient minstens eenmaal in de acht jaar door de rijksoverheid te worden vastgesteld. Met het oog op een duurzame instandhouding, herstel en ontwikkeling van de natuurlijke en landschappelijke waarden geeft het plan voor de korte, de middellange en lange termijn richting aan de van rijkswege te nemen beslissingen.

 

 

 

Flora- en Faunawet

Deze wet regelt de bescherming  en het behoud van in het wild levende planten- en diersoorten. Activiteiten met een schadelijk effect op beschermde soorten zijn in principe verboden. Daarnaast stelt de wet dat ook dieren die geen direct nut opleveren voor de mens van onvervangbare waarde zijn (erkenning van de intrinsieke waarde).

 In de wet is een zorgplicht opgenomen. Deze plicht houdt in dat menselijk handelen geen nadelige gevolgen mag hebben voor planten of dieren, beschermd of niet.

De Flora- en Faunawet maakt het voor provincies mogelijk een bepaalde plek in het landschap aan te wijzen als beschermde leefomgeving. Hierbij kan het bijvoorbeeld gaan om een dassenburcht of een plek waar orchideeën bloeien.  (www.minlnv.nl)

 

----------------------------------------------------------------------------

 

Planbureau voor de leefomgeving (www.pbl.nl)

Dit planbureau is een fusie (mei 2008)  van het Ruimtelijk Planbureau (RPB) en het Milieu- en Natuurplanbureau (MNP) en valt onder het ministerie van VROM.

Het Planbureau zal o.m.vragen moeten beantwoorden over de actuele kwaliteit van milieu, natuur en ruimte en het gevoerde en te voeren beleid daaromtrent en over de toekomstige maatschappelijke ontwikkelingen die van invloed zijn op die kwaliteit. 

Men kan zich abonneren op de nieuwsbrieven (elke twee maanden) en de nieuwsflitsen (6 tot 8 keer per jaar) van het PBL.

 

 

======================================================